Straatarts Wout: “Deze mannen voelen zich vaak alleen op de wereld en hebben weinig te verliezen. Ze zoeken vaak houvast in de maatschappij maar raken ook snel boos en soms agressief als ze teleurstellingen te verwerken krijgen. In het geval van Raymond spelen chronische ziekten ook nog een rol. Wat moet een mens doen die niemand vertrouwt maar wel van oudsher structuur en een strak regime gewend is? Vaak zien wij dan dat deze mannen met justitie in aanraking komen en het in de gevangenis wel prettig vinden. Hier is structuur en wordt voor ze gezorgd. Het is helaas zo dat we vaak beter zorgen voor de mensen die in de gevangenis zitten dan de mensen die op straat moeten leven.”
Hoe leer je iemand bij wie het vertrouwen al van kinds af aan beschadigd was weer iemand te vertrouwen? Hoe leer je diegene dat wij het wel echt goed met hen voor hebben? Dit is een uitdaging waar de artsen en verpleegkundigen van de straatzorg vaak voor staan. “We proberen iedereen als individu te zien ondanks zijn/haar achtergrond. Natuurlijk zijn er basisregels maar zodra iemand respectvol is naar ons zijn wij dat ook naar diegene en als het ons lukt om weer een beetje vertrouwen in de medemens te creëren is dat een heel mooi gegeven”, benadrukt Wout.